Blog · 20/09/2026

Lichaamstaal en spreken: hoe je met meer impact communiceert

Je kan een perfecte presentatie hebben voorbereid en toch merken dat er iets niet helemaal klopt.

Je woorden zeggen het ene.

Je lichaam misschien iets anders.

Je staat wat stijf. Je praat sneller dan je eigenlijk wilt. Je kijkt vooral naar je slides. Of je probeert zo professioneel mogelijk over te komen en eindigt daardoor als een soort menselijke PowerPoint.

Niet ideaal.

Goede communicatie gaat namelijk niet alleen over wat je zegt, maar ook over hoe je aanwezig bent wanneer je het zegt.

Dat is waar lichaamstaal, spreken en authentieke communicatie samenkomen.

Je lichaam spreekt al voordat je iets zegt

Nog voor je begint te praten, heeft een publiek al informatie gekregen.

Hoe je binnenkomt. Hoe je staat. Waar je kijkt. Hoe je beweegt. Of je ruimte inneemt of jezelf eerder klein maakt.

Dat betekent niet dat je vanaf nu voortdurend moet nadenken over waar je handen staan.

Integendeel.

Wanneer je tijdens een presentatie voortdurend denkt “Wat moet ik nu met mijn handen doen?”, ben je vooral bezig met je handen.

En dat helpt zelden om overtuigender te communiceren.

“Ik zie lichaamstaal niet als een verzameling trucjes waarmee je jezelf beter moet voordoen. Het gaat veel meer over bewustzijn.”

Je lichaam communiceert sowieso.

De vraag is dus niet alleen hoe je er zo overtuigend mogelijk uitziet, maar ook wat je lichaam op dit moment eigenlijk vertelt.

Wanneer je spanning voelt, wanneer je jezelf inhoudt of wanneer je iets probeert te spelen wat niet helemaal bij je past, zie je dat vaak terug.

Je hoeft geen extraverte spreker te worden

Er bestaat een hardnekkig idee dat een goede spreker automatisch energiek, luid en extravert moet zijn.

Dat klopt niet.

Een rustige spreker kan bijzonder veel impact hebben.

Sterker nog: wanneer iemand die normaal eerder rustig is plots een overdreven enthousiaste presentatiestijl probeert over te nemen, merk je dat vaak meteen.

“Goed spreken betekent voor mij niet dat je een andere versie van jezelf moet worden.”

Je hoeft niet plots de meest charismatische persoon in de ruimte te worden.

Je mag rustig zijn.

Je mag nadenken.

Je mag een bepaalde terughoudendheid hebben.

Het gaat er vooral om dat je manier van spreken klopt met wie je bent en met wat je wilt vertellen.

Authentiek betekent trouwens niet dat je alles wat spontaan in je hoofd opkomt ook meteen moet delen.

Dat is gewoon chaos met een goede PR-afdeling.

Wat doe je met zenuwen?

Spreken voor een groep brengt bij veel mensen spanning mee.

Een beetje spanning is trouwens niet noodzakelijk een probleem. Je lichaam maakt zich klaar om iets te doen wat ertoe doet.

Het wordt vooral lastig wanneer je die spanning probeert te verbergen of ertegen begint te vechten.

Sneller praten. Alles uit je hoofd opdreunen. Geen stiltes durven laten vallen.

Terwijl een korte stilte voor je publiek helemaal niet hetzelfde betekent als voor jou.

Wat voor jou voelt als “help, ik ben mijn zin kwijt”, kan voor iemand anders gewoon klinken als een normale pauze.

Lichaamstaal gaat niet over een perfecte houding

Er zijn heel wat adviezen over lichaamstaal.

Sta recht.

Maak oogcontact.

Gebruik je handen.

Glimlach.

Open je houding.

Allemaal leuk.

Maar lichaamstaal is geen checklist.

“Ik vind het interessanter om te kijken naar wat er onder die lichaamstaal zit. Waarom maak je jezelf kleiner? Waarom hou je je adem in? Waarom kijk je voortdurend weg wanneer je iets belangrijks vertelt?”

Wanneer je daar bewuster van wordt, hoef je niet meer voor elke beweging een regel te onthouden.

Je aanwezigheid wordt vanzelf duidelijker.

Je verhaal bepaalt ook je impact

Zelfverzekerd staan helpt natuurlijk niet wanneer je publiek na twee minuten niet meer weet waar je verhaal naartoe gaat.

Spreken met impact heeft daarom ook te maken met storytelling.

Een goed verhaal geeft structuur aan wat je wilt vertellen. Het maakt informatie begrijpelijker en zorgt ervoor dat mensen niet alleen horen wat je zegt, maar ook onthouden waarom het relevant was.

Je hoeft daarvoor geen geboren verhalenverteller te zijn.

Je moet vooral leren kijken naar wat er interessant is aan jouw verhaal.

En wat als je niet graag in de belangstelling staat?

Niet iedereen vindt het heerlijk om voor een groep te staan.

Sommige mensen krijgen energie van een publiek.

Andere mensen krijgen vooral zin om zichzelf achter de plant naast het podium te verstoppen.

Ook dat is oké.

Het doel van goede spreektraining is niet om iedereen tot een podiumbeest om te vormen.

Het gaat erom dat je je eigen manier vindt om zichtbaar te zijn.

Dat kan rustig zijn.

Dat kan droog zijn.

Dat kan met humor.

Dat kan met veel energie.

Er is geen verplichte persoonlijkheid die je eerst moet downloaden voordat je goed kan spreken.

Speak & Spark

Speak & Spark combineert spreken, lichaamstaal, storytelling en authentieke communicatie.

Niet om een perfecte spreker van je te maken.

Wel om je te helpen sterker en natuurlijker voor een groep te staan.

Je onderzoekt hoe je overkomt, hoe je lichaam meewerkt aan je boodschap en hoe je een verhaal brengt op een manier die bij jou past.

“Ik wil dat mensen na een sessie niet denken: nu moet ik voortaan een totaal andere spreker zijn. Ik wil dat ze denken: blijkbaar hoef ik mezelf helemaal niet weg te gooien om meer impact te hebben.”

Je hoeft niet groter te worden dan je bent.

Je mag alleen wat meer ruimte innemen.

En soms begint dat letterlijk met één stap naar voren.

Lichaamstaal en spreken horen bij elkaar

Wanneer je spreekt, communiceer je nooit alleen met woorden.

Je stem, houding, blik, beweging, timing en verhaal werken allemaal samen.

Daarom is sterker spreken ook niet simpelweg leren hoe je een betere presentatie maakt.

Het gaat over aanwezig zijn in wat je zegt.

En misschien is dat uiteindelijk de interessantste vorm van spreken:

niet proberen indrukwekkend over te komen,

maar zorgen dat mensen voelen dat je er echt staat.